(Social) Rubio Impact Ventures verdubbelt zijn fondsomvang tot 100 miljoen

Impact-investeerder Social Impact Ventures heeft voor zijn tweede fonds 55 miljoen euro opgehaald bij een aantal institutionele partijen, vermogende families en ondernemers.
Het geld is bestemd voor investeringsrondes van 1 tot 8 miljoen euro. Inclusief het eerste fonds heeft de Amsterdamse investeerder nu bijna 100 miljoen euro onder beheer.

Het fonds van Willemijn Verloop, Helmer Schukken, Warner Philips en Machtelt Groothuis herdoopt zich tegelijk tot Rubio Impact Ventures. Vijf jaar geleden was impact-investeren nog een niche, maar nu is het zo’n beetje mainstream, licht Verloop de naamsverandering toe. ‘Dan helpt het niet als je een naam hebt die de categorie beschrijft.’, ‘want social Impact is eigenlijk een categorie geworden’.

R.I.P. Social Impact Ventures, lang leve Rubio Impact Ventures. Onder die naam wordt het tweede fonds van de in Amsterdam gevestigde investeerder gevuld met nog eens 55 miljoen euro. Samen met 10 miljoen euro aan nieuw geld uit de Seed Capital-regeling van de RVO komt het totaal beheerde vermogen nu op bijna 100 miljoen euro. Social Impact Ventures kennen we als geldschieter achter onder meer Black Bear Carbon en Goodfuels.

De verse 55 miljoen is afkomstig van 15 spelers, waaronder ASR en de Europese Investeringsbank, die al partners waren in het eerste fonds. Een deel is afkomstig van family offices, oftewel kapitaalkrachtige families (die niet met hun naam in de media willen).

Onder de geldschieters zitten ook een aantal ondernemers die zelf net hun bedrijf hebben verkocht, en die nu een deel van hun kapitaal naar impact-bedrijven willen brengen. Rubio-partner Willemijn Verloop: ‘Toen we vijf jaar geleden begonnen zag je vooral family offices die al langer met impact bezig waren. Nu zie je een nieuwe generatie opstaan van ondernemers die succesvolle exit deden en die hun geld in impact stoppen. Het leuke is dat je dan naast geld ook zeer ervaren ondernemers aan van boord krijgt, wat voor de deelnemende bedrijven ook heel interessant kan zijn.’ Welke ondernemers hun geld op impactgebied aan het werk zetten, wordt niet bekendgemaakt.

Sociale ondernemingen financieel gezond, maar hard getroffen door Corona

De meerderheid van de sociale ondernemingen is financieel gezond, creëert banen en trekt met succes financiering aan. Maar Corona treft ook deze missie-gedreven ondernemers hard, al leidt deze crisis ook tot kansen en innovatieve samenwerkingen. Dit alles blijkt uit De Social Enterprise Monitor 2020.

Sociale ondernemingen financieel gezond

Een groot gedeelte van de sociale ondernemingen heeft in 2019 winst gemaakt (43%). Dit aandeel is gegroeid ten opzichte van het jaar daarvoor (36%). Sociale ondernemingen leveren daarmee naast maatschappelijke waarde ook steeds meer economische waarde. Ze weten over het algemeen ook de juiste financiering te vinden. Van de ondernemingen die kapitaal hebben gezocht (43%), geeft 60% aan ten minste één financiering volledig te hebben gekregen. De werkgelegenheid bij sociale ondernemingen is tussen 2019 en 2020 met 10% toegenomen.

Covid-19: ondernemers hard getroffen maar ook kansen
Ondanks dit sterke ondernemerschap, zijn de meeste sociale ondernemingen, net als andere (MKB) bedrijven in Nederland, hard getroffen door de coronacrisis. 74% van de bedrijven verwacht minder omzet te draaien, 40% heeft NOW aangevraagd en voor 20% komt het voorbestaan in gevaar. Maar er is ook een andere kant aan dit verhaal. Een kwart van de ondernemers ziet kansen voor nieuwe afzetmarkten en een kleine groep (6%) gaat zelfs uitbreiden! Zie het specifieke bericht over sociale ondernemingen in coronatijd hier.

Aantrekken/behouden klanten en (h)erkenning grootste uitdagingen
De effecten van Covid-19 zijn duidelijk zichtbaar in de belangrijkste obstakels voor sociale ondernemingen. Stipt op één staat het aantrekken van nieuwe en behouden van bestaande klanten: 45% van de ondernemers geeft aan dit te zien als een obstakel voor groei. Dit obstakel kwam ook terug in voorgaande edities van de Social Enterprise Monitor, maar nooit eerder met zo’n hoog percentage. In 2019 werd het bijvoorbeeld door 27% van de sociaal ondernemers genoemd als obstakel. Daarnaast lopen veel ondernemers (31%) aan tegen het feit dat ze niet worden erkend en herkend voor wat ze zijn, doen en bereiken. Dit percentage is ook opvallend hoger dan de jaren ervoor, maar te verklaren door de tijd waarin we nu leven. Dit geeft alleen maar extra gewicht aan de aankondiging van het kabinet op afgelopen 10 juli dat ze de BVm zullen introduceren als juridische erkenning voor sociale ondernemingen.

Impact first: SDG’s integraal onderdeel en actief anderen aanzetten tot duurzaam gedrag
De duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties (SDG’s) worden door meer dan de helft van de sociale ondernemingen (51%) geïntegreerd in de bedrijfsstrategie/-activiteiten of is dit van plan. Hoewel het reguliere MKB nog steeds amper bekend lijkt te zijn met deze doelen (MKB servicedesk), lopen sociale ondernemingen voorop en maken zij de SDG’s een integraal onderdeel van hun bedrijfsvoering door bijvoorbeeld hun bijdrage aan deze doelen op te nemen in hun jaarverslag. Maar de maatschappelijke waarde van deze ondernemingen gaat verder dan de eigen onderneming. 96% geeft aan actief andere organisaties aan te zetten tot duurzamer en inclusiever gedrag en handelen. Dit doen ze onder andere door bewustwording te creëren bij consumenten, directe samenwerking aan te gaan met andere bedrijven (corporate, MKB, sociale ondernemingen) en actief te lobbyen bij overheid en politiek. Neem bijvoorbeeld Frank About Tea die met een brief aan de CEO van Unilever in het Financieel Dagblad bewustwording hebben gecreëerd over de omstandigheden van de lokale theeboeren die aan Unilever leveren (en mogelijk de dupe worden bij een verkoop van hun theedivisie). Naar aanleiding van een onderzoek naar deze beinvloedingsrol van sociale ondernemingen zal Social Enterprise NL later dit jaar een rapport publiceren.

De overheid als cruciale partner, klant en obstakel
Sociale ondernemingen en overheden zijn natuurlijke partners gezien ze beide maatschappelijke doelen nastreven. Deze samenwerking gaat echter niet vanzelf. Samenwerking met de gemeente staat op plek 3 (met 31%) van de grootste obstakels, de wet- en regelgeving van de Rijksoverheid op plek 5 (met 25%). Hoewel meer dan de helft (56%) van de ondernemingen op een of andere manier de overheid als klant heeft, gaat dit vaak om incidentele en kleine opdrachten, terwijl ze vaak op zoek zijn naar een meer structurele samenwerking. Sociaal ondernemers hebben daarom ook veel ambitie en zien kansen. 1 op de 3 ondernemers geeft bijvoorbeeld aan een hoger deel van de omzet te willen halen bij gemeenten en nog eens 77% zou het heel graag zien dat gemeenten vaker en meer sociaal (bij hen) zouden inkopen.

Kabinet kiest voor BVm en meer stimuleringsregelingen

Goed nieuws voor sociaal ondernemend Nederland.

Op 10 juli heeft het kabinet bekend gemaakt dat het juridische erkenning voor sociale ondernemingen introduceert. Met deze BVm geeft het kabinet invulling aan haar ambitie uit het regeerakkoord voor “passende regels en meer ruimte voor ondernemingen met sociale of maatschappelijke doelen”. Een belangrijke stap voor sociaal ondernemen in Nederland!

Voorbij winstmaximalisatie
Uit meerdere onderzoeken, waaronder het in opdracht van het ministerie van EZK uitgevoerde onderzoek van KPMG en Nyenrode (2020), komt naar voren dat sociale ondernemingen behoefte hebben aan meer (h)erkenning en dat bestaande juridische vormen niet passen. Met de introductie van de BVm komt het kabinet tegemoet aan de wens van ondernemers om hun maatschappelijke missie op een erkende manier wettelijk vast kunnen leggen, aanspreekbaar te zijn en duidelijkheid naar de buitenwereld te creëren. Maar deze wet heeft bredere waarde, het is een cruciale stap in de beweging naar een economie die niet is gebaseerd op winstmaximalisatie.

De volgende stap; het maken van de grote inrichtingskeuzes
Het kabinet heeft de wet aangekondigd, maar er zijn nog weinig details bekend. Wat voor eisen op het gebied van transparantie, stakeholder betrokkenheid en eventuele winstbeperking worden er precies gesteld? Hoe werken het toezicht en aanspreekbaarheid van bestuurders? En in hoeverre is deze vorm echt vernieuwend? Wij vinden het daarom een goede zaak dat er een onafhankelijke expertcommissie is aangekondigd die deze elementen gaat uitwerken en zullen ons continue inzetten om te zorgen dat het perspectief van ondernemers leidend is in de komende discussies.

Meer ondersteuningsmaatregelen
In het nieuwsbericht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat worden nog meer maatregelen aangekondigd. Er wordt een werkgroep ‘maatschappelijk ondernemerschap’ ingesteld waarbij kennisdeling op het gebied van maatschappelijk ondernemerschap tussen overheden wordt gestimuleerd.

Daarnaast vindt het kabinet het belangrijk dat de overheid zelf ook maatschappelijke ondernemingen betrekt in haar inkoop- en aanbestedingsbeleid.

(bron : Social Enterprise NL – 10 juli 2020)

Met dank aan het harde werk achter de schermen van Social Enterprise Nl en kamerleden om tot dit besluit te komen. En natuurlijk al die sociaal ondernemers die hebben laten zien dat wat zij doen, echt het verschil maakt en daarvoor ook deze erkenning waardevol is. Op naar de volgende stappen !

Lees hier de hele Kabinetsbrief.

Ahrend topman Sterken vraagt Minister Koolmees om ‘intelligente’ stimuleringsmaatregelen voor Nederlandse industrie

Minister Koolmees bracht afgelopen week een virtueel werkbezoek aan de Ahrend productielocatie Presikhaaf Schoolmeubelen in Arnhem ter gelegenheid van de officiële uitreiking van het eerste PSO30+ certificaat (de hoogst haalbare certificering op het gebied van sociaal ondernemen) door Commissaris van de Koning in Gelderland John Berends.

Het werkbezoek van minister Koolmees kreeg op het allerlaatste moment een virtueel karakter. Hij moest verstek laten gaan, maar sprak de aanwezigen via een Teams videobelscherm toe. Hij benadrukte onder meer het belang van sociaal ondernemerschap en roemde Ahrend als industriële kwartiermaker op dat vlak. Ook meende hij dat overheden meer kunnen doen om sociaal ondernemen belangrijk te maken door PSO 30+ meer te omarmen. Nu Ahrend toetreedt tot de ‘PSO 30+ club’ verbreedt volgens de minister daarmee het sociale aanbod ook met kantoor- en onderwijsinrichting.

Meer dan 30% medewerkers met afstand tot arbeidsmarkt

De PSO meet in welke mate organisaties werkgelegenheid bieden aan kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt. Bij Ahrend bestaat meer dan 30% van het totale personeelsbestand van dochterondernemingen Ahrend Nederland, Gispen Nederland, en Presikhaaf Schoolmeubelen uit medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt. Aan hen wordt gepast werk en begeleiding geboden.

Meubelindustrie heeft baat bij faciliteren van thuiswerkplekken

Ahrend ceo Eugene Sterken maakte in zijn dankwoord aan de minister van de gelegenheid gebruik hem te attenderen op het feit dat Koninklijke Ahrend heel bewust geen beroep heeft gedaan op de NOW-regeling en de Nederlandse meubelindustrie baat zou hebben, niet in de laatste plaats Ahrend zelf, bij het mogen faciliteren van duizenden arbo-verantwoorde thuiswerkplekken voor de overheid. Het zou, volgens Sterken, een intelligente stimuleringsmaatregel en begin van herstel zijn voor de stevig geraakte bedrijfstak en voor tegelijkertijd een honorering van het sociaal ondernemerschap, zeker in tijden van crisis.

Nu we stap voor stap uit onze lock-down komen, heeft de overheid de kans intelligent te investeren in meer structureel thuiswerken met alle voordelen van dien. Door specifieke stimuleringsmaatregelen door te voeren kan zij werkgevers financieel tegemoet komen, haar eigen medewerkers een goede thuiswerkplek aanbieden, de Nederlandse meubelindustrie een economische impuls geven en haar eigen uitdagende overheidsdossiers op het terrein van klimaat en infrastructuur aanpakken. Denk aan het terugdringen van CO2- en stikstofuitstoot en de ontlasting van ons wegennet en openbaar vervoer door minder en andere woon-werk bewegingen.

Kantoor wordt sociale trekpleister

Beide heren waren het eens dat thuiswerken ‘een blijvertje is’, waarbij Sterken toevoegde dat de functie van het kantoor niet minder belangrijk wordt. “Integendeel! Het kantoor wordt meer en meer een sociale trekpleister waar mensen graag heen gaan om elkaar te ontmoeten, te overleggen of anderszins samen te werken. Die behoefte en noodzaak moeten we niet onderschatten”, aldus Sterken.

Na de formaliteiten en de uitreiking van het certificaat praatten minister Koolmees en Ahrend ceo Eugene Sterken nog na, onder meer over de uitnodiging die de topman van Ahrend vorige week van de SER ontving om mee te denken over de werkomgeving van de toekomst en de effecten ervan op de actuele mobiliteit- en klimaatvraagstukken.

(bron:Office Replublic 2020)

Impact investing in tijden van corona

‘Het sentiment is dat bedrijven die zich richten op een positieve impact op de maatschappij, de winnaars van de toekomst zullen zijn’, zo vertelde Hanna Zwietering van het ABN AMRO Social Impact Fund tijdens het Webinar van Social Finance NL over impact investing in tijden van Corona. Dit werd bevestigd door de cijfers van pensioenfonds PGGM, waarbij te zien is dat investeringen in beursgenoteerde ondernemingen die zich naast profit ook sterk focussen op people en planet, het beter deden dan de gemiddelde beursgenoteerde onderneming. In dit verslag delen we de belangrijkste inzichten en conclusies uit het Webinar.

Ondersteuning in tijden van Corona
Dat de coronacrisis iedereen treft, is geen verrassing. Wel is terug te zien dat overheden de economie ondersteunen met grote pakketten, maar hierin ontbreekt de aandacht voor sociale en duurzame initiatieven, zo geeft Björn Vennema van Social Finance NL aan. Tegelijkertijd staan private initiatieven en collectieven wereldwijd op. Zo is er op Covidcap, een online resourcehub met meer dan 500 aangesloten initiatieven, een wereldwijd overzicht van initiatieven dat optelt tot ruim $1 miljard. Ook in Nederland zien we bij verschillende organisaties, zoals het Oranje Fonds, een krachtige respons

DOEN Participaties 
DOEN Participaties heeft een ondersteuningsfaciliteit opgezet om de partijen waarin zij investeert snel te kunnen ondersteunen met hun financieringsvraagstukken. Daarbij is niet alleen het overeind houden van bedrijven van belang, maar geeft Michelle de Rijk aan dat DOEN wat de gevolgen zijn voor klanten en eindgebruikers. Vooral in India en Oost-Afrika waar DOEN actief is zijn deze klanten enorm afhankelijk van de prodcuten van hun investees. Worden er bijvoorbeeld niet opeens mensen afgesloten van energie, of andere levensbehoeften?

ABN AMRO Social Impact Fund
Dat de coronacrisis tot maatregelen noopt, onderschrijft ook Hanna Zwietering. Vanuit het ABN AMRO Social Impact Fund (AASIF) werkt ze veel samen met sociaal ondernemers, en dat vraagt om maatwerk. Veel van hun klanten ervaren door de coronacrisis andere obstakels, maar toch is nu ook al te zien dat ondernemingen die zich focussen op trends als duurzaam en/of lokaal geproduceerd voedsel, zoals lokaal geproduceerde voedselboxen, het nu erg goed doen.

PGGM
Dit sluit aan bij het verhaal van Dirk-Jan Verzuu van PGGM, die zich als institutionele belegger juist focust op beursgenoteerde ondernemingen. Zijn verklaring voor de relatief goede prestaties van bedrijven met een sterke focus op impact is gelegen in het feit dat er wordt aangesloten bij de lange termijngroeitrends. Deze blijven, ondanks de crisis, toch overeind staan. Voor PGGM betekent dat onder meer investeren in bedrijven die zich focussen op klimaat, gezondheid, voedselzekerheid en waterschaarste.

Gaan impact en winst hand in hand?
De paneldiscussie gaat daarna onder meer in op de vraag hoe impact en winst zich tot elkaar verhouden, en of het een niet ten koste gaat van het ander. Dirk-Jan geeft aan dat voor PGGM geldt dat ze een fiduciaire plicht hebben, wat betekent dat ze een goed rendement moeten behalen voor hun deelnemers. Daarom is het niet mogelijk om te beleggen in ondernemingen die geen winst maken, maar wel veel impact hebben. Maar in veel gevallen kunnen impact en winst heel goed hand in hand gaan benadrukt hij. Er is dus niet altijd sprake van een uitruil. Michelle vult aan dat een belangrijke variabele ook tijd is. Op korte termijn kan er misschien wel een uitruil zijn tussen winst en impact, maar op de lange termijn wint een bedrijf met een goed business model. Impact is daar een onderdeel van.
Bij het AASIF wordt daarom juist in toenemende mate ook geïntegreerd gerapporteerd, waarbij ook de sociale en maatschappelijke kosten en baten worden gemonetariseerd en meegenomen in de winstberekening. Op die manier wordt de daadwerkelijke impact zichtbaar. Dat brengt de discussie op een ander onderwerp; hoe kun je betrouwbaar impact meten?

Impact meten
Dat was een van de onderwerpen waar ook Sir Ronald Cohen, een van de grondleggers van impact investing, een belangrijke bijdrage aan leverde. Zijn pleidooi was dat vooral overheden een belangrijke rol hierin hebben, om de kaders te stellen over hoe impact gemeten moet worden. Want alleen als je het over hetzelfde hebt, kun je producten en prijzen vergelijken. Op basis van de true price. Hierbij trok hij een belangrijke parallel met de beurscrash in 1929. Na de crash zijn er, mede op initiatief van investeerders, vanuit de overheid regels en richtlijnen gekomen over accounting. Er is nu een kans om een standaard te ontwikkelen voor het rapporteren van sociale en ecologische kosten en baten van producten en bedrijven. Want het wordt niet altijd alleen gedaan omdat het niet geaccepteerd is, maar vooral omdat er geen standaard is.

Op naar impact capitalism
Zowel de panelleden als de deelnemers waren het erover eens: de coronacrisis biedt vooral kansen voor impact investing om een vlucht te nemen. Een belangrijke stap zit in het inbouwen van de standaarden in accounting voor sociale en ecologische impact. De coronacrisis lijkt daar de uitgelezen aanleiding voor. We kunnen nu een economie ontwikkelen die de stap maakt van, zoals Sir Ronald Cohen verwoordde: “selfish capitalism to impact capitalism.” 

(bron De Dikke Blauwe – 20 mei 2020)

Oproep extra steun voor Sociaal ondernemers

De coronacrisis heeft ook heftige gevolgen voor sociale ondernemingen. Het kabinet heeft snel een breed steunpakket voor het bedrijfsleven gelanceerd, dat zeer welkom is.

Door ons werk in het veld horen wij echter ook geluiden van jullie over waar deze maatregelen  ontoereikend zijn.

Social Enterprise NL heeft daarom , tesamen met 10 andere organisaties , een oproep gedaan aan het ministerie van Economische Zaken en Klimaat  tot het nemen van extra maatregelen.
Wij sluiten ons daar graag bij aan en deel het in jouw netwerk!

In de oproep pleiten wij voor:

  • > Verbreed de TOGS voor bedrijven die in meerdere sectoren actief zijn;
  • > NOW: Hou rekening met jonge snel groeiende bedrijven en tel LKS en donaties niet mee als omzet;
  • > Creëer duidelijkheid vanuit gemeenten over doorlopen financiering;
  • > #buysocialjuistnu;
  • > Zet een noodfonds op voor sociale ondernemingen;
  • > Werk nu al aan de post corona agenda en geef koplopers een plek in economisch beleid

Lees de hele oproep hier.

Rest ons jullie sterkte te wensen en zijn wij verheugd over de creatieve initiatieven die door jullie in het veld worden ontplooid. Uiteraard zitten wij ook niet stil, denk aan de online ontwikkeling van een concreet actieplan in deze tijden, samen met andere sociaal ondernemers. En natuurlijk een luisterend oor en concrete acties voor jullie (kwetsbare) doelgroepen.

Update impact gemeenten – ontwikkelingen Corona virus

De maatregelen tegen het coronavirus hebben voor gemeenten impact op onder meer de dienstverlening, besluitvorming, veiligheid, hulp aan ondernemers en de viering van Koningsdag. Een update van de laatste ontwikkelingen.

Gemeenten kregen zondag opdracht tot het handhaven en coördineren van de maatregelen van het kabinet. Dit ging om noodopvang voor kinderen van ouders in cruciale beroepen en sluiting van horeca en andere gelegenheden. Wat gebeurde er daarna?

Dienstverlening

Gemeenten passen hun dienstverlening aan en houden inwoners via een informatiepagina op de hoogte. Over het algemeen is het credo dat de dienstverlening zoveel mogelijk doorgang vindt, al dan niet telefonisch, digitaal, met aangepaste openingstijden of alleen op afspraak. De meeste ambtenaren werken thuis, huisbezoeken en veel fysieke afspraken gaan niet door.

Op veel plekken worden extra maatregelen getroffen. In Heerlen heeft dat bijvoorbeeld gevolgen voor huwelijksvoltrekkingen. Gratis huwelijken zijn tot en met 6 april niet mogelijk, alleen in uitzonderlijke gevallen staat de balie hiervoor open. Uitstel is ook de lijn voor betaalde huwelijken, bij uitzonderingen hierop mogen maximaal 12 mensen aanwezig zijn in het gemeentehuis. Externe locaties zoals horecagelegenheden zijn geheel taboe voor trouwerijen.

Niet zoenen

Ook Matrimonium, de vereniging voor trouwambtenaren geeft aan dat veel bruiloften in het land worden uitgesteld. De bruiloften die wel doorgaan, worden soberder, aldus bestuurslid Ilse de Zwart, trouwambtenaar in Nijkerk. ‘De bruid en de bruidegom mogen elkaar zoenen, maar bij de felicitaties doen we dat niet. We proosten met een glas, geven een hartje of een boks in de lucht, of raken elkaars ellebogen aan.’ De buitengewoon ambtenaren van de burgerlijke stand brengen geen huisbezoeken voor voorgesprekken. ‘We moeten creatief zijn. We skypen, bellen of mailen.’

Burgerzaken geldt volgens de rijksrichtlijnen als ‘noodzakelijk overheidsproces’. De Nederlandse Vereniging voor Burgerzaken informeert leden via haar website en deelt voorbeelden van gemeenten om de dienstverlening aan te passen en om te gaan met cruciale processen. Dat doet de NVVB ‘ter inspiratie, niet als richtlijnen’. De vereniging noemt het wel ‘van extra groot belang dat zich in de publiekshal niet te veel mensen ophouden. Door te werken op afspraak kan hierin gestuurd worden.’

Besluitvorming

In de meeste gemeenten zijn ook de vergaderingen van de raad in ieder geval uitgesteld tot na 6 april. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) krijgt veel vragen over de effecten op de besluitvorming en trekt intensief op met de Vereniging van Griffiers en de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden om de ontwikkelingen bij te houden. Het ministerie van Binnenlandse Zaken adviseert vergaderingen uit te stellen.

Als een vergadering echt noodzakelijk is, dan moet deze zonder publiek doorgang vinden. De regels voor het minimale aantal aanwezigen bij het stemmen, het quorum, blijft ongewijzigd gelden. Digitale besluitvorming is wettelijk niet mogelijk.

Veiligheid

Alle 25 veiligheidsregio’s gaan dezelfde noodverordening inzetten, hebben ze gisteren afgesproken in overleg met minister Grapperhaus. Daarmee kunnen de autoriteiten overal op eenzelfde manier snel optreden tegen overtredingen, bijvoorbeeld van gedwongen sluitingen. Dat kan meteen leiden tot een geldboete. In de praktijk vullen de veiligheidsregio’s de voorschriften wel op hun eigen manier in. In de ene streek zijn markten bijvoorbeeld verboden terwijl ze elders onder voorwaarden doorgaan.

De regio’s bepaalden in overleg met minister Grapperhaus dat coffeeshops alsnog wiet en hasj mogen verkopen aan een afhaalloket. Ze moeten wel alle hygiënemaatregelen in acht nemen die zijn getroffen vanwege het coronavirus. Zo mogen er niet te veel klanten tegelijk zijn en zij moeten voldoende afstand van elkaar houden. Het besluit is genomen om de straathandel voor wiet en hasj tegen te gaan, waar veel burgemeesters zich zorgen over maakten.

Hulp aan zelfstandigen

Dinsdagmiddag kondigde het kabinet extra ondersteuning aan voor ondernemers, ook voor zelfstandigen. Het budget begint bij 250 miljoen euro en kan de komende maanden in de miljarden lopen. Gemeenten moeten het geld verdelen. ‘Het kabinet stelt een tijdelijke, versoepelde regeling in om zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers, te ondersteunen zodat zij hun bedrijf kunnen voortzetten. De regeling wordt uitgevoerd door gemeenten,’ aldus de aankondiging.

Koningsdag

De viering van Koningsdag in Maastricht is geschrapt. Hoewel Koningsdag pas plaatsvindt op 27 april, hebben de huidige maatregelen een zo grote impact op de voorbereidingen, dat het programma niet gerealiseerd kan worden zoals beoogd, laat de gemeente weten. De ruim 300 Oranjeverenigingen gaan onderzoeken hoe zij een lokaal en veilig alternatief kunnen vinden voor de viering.

Binnenkort organiseert de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen een virtuele brainstormsessie om te bekijken wat wél kan. De organisatie raadt vieringen zoals koningsnacht af, net als braderieën, grote feesttenten met artiesten en manifestaties van meer dan honderd man. De huidige beperkende maatregelen gelden vooralsnog tot 6 april.

(bron Gemeente.nu -18 maart 2020)

Zes moties aangenomen om sociaal ondernemers te ondersteunen

Op 10 december stemde de Tweede Kamer over de moties die door verschillende Kamerleden zijn ingediend tijdens het notaoverleg op 2 december.

Tijdens dit overleg werd de Initiatiefnota ‘Ondernemen met een maatschappelijke missie’ van Eppo Bruins (ChristenUnie) besproken, waarin Bruins onder andere pleit voor de invoering van een BVm.

De volgende moties zijn aangenomen door de Tweede Kamer:

· Tom van der Lee (GroenLinks): …. verzoekt de regering het PBL te vragen de toegevoegde waarde van sociale ondernemingen voor Nederland in kaart te brengen. (Lees de motie hier);
· Mustafa Amhaouch (CDA): …. verzoekt de regering indien er behoefte bestaat aan een BVm deze zo in te richten dat deze publiek private samenwerking niet in de weg staat. (Lees de motie hier);
· William Moorlag (PvdA): …. verzoekt de regering sociaal ondernemerschap een plek te geven in het nieuwe ESF kader 2021 – 2027. (Lees de motie hier);
· Carla Dik Faber (ChristenUnie): …. verzoekt de regering verzoekt het kabinet te investeren in de doorontwikkeling van het Impactpad. (Lees de motie hier);
· Carla Dik Faber (ChristenUnie): …. verzoekt de regering een onafhankelijke expertgroep in te stellen die zich buigt over de belangrijkste vragen van de BVm. (Lees de motie hier);
· Carla Dik Faber (ChristenUnie): …. verzoekt de regering te onderzoeken hoe in het nieuwe inkoopbeleid meer ruimte komt voor sociale ondernemingen. (Lees de motie hier).

(bron – social Enterprise NL)

Wat een goed begin van 2020 en een flinke steun in de rug voor sociaal ondernemend Nederland vanuit de politiek.

Op naar een Impactvol 2020!

Het was een bijzonder jaar, 2019,  en we zijn nog niet toegekomen om terug te kijken. Dat komt dezer dagen.

Voor nu dank ik alle bevlogen en impact gedreven sociaal ondernemers voor jullie vertrouwen, hoe we samen hebben gedeeld en met en van elkaar hebben geleerd. Jullie werk is zo waardevol.

Dank aan al die organisaties waar ik heb mee mogen bouwen, in de keuken heb mogen kijken en samen bruggen heb gebouwd. Dank voor jullie enthousiasme en bereidheid die maatschappelijke uitdagingen met elkaar aan te gaan.

En dank ook voor die mensen waarmee ik (weer) heb mogen samenwerken dit jaar. Genoten van de gelijkwaardige en gelijkaardige verbindingen, al waren het soms ook de verschillen die ons een stapje verder brachten.
Prettig , met oog en oor voor elkaar, voor wie we zijn en onze talenten en kennis.
Fijn om met elkaar te bouwen, vanuit vertrouwen en openheid. En vergeet het plezier niet!

 

 

Voor nu wens ik jullie allen fijne feestdagen en kwali-tijd met jullie dierbaren. Want wat hebben jullie allen hard gewerkt , als ik het verlangen naar even vrij hebben om me heen hoor.
Ik deel dat verlangen en ons kantoor is dan ook gesloten van 20 december tot en met 5 januari 2020.

Een mooi rond getal en een feestelijk jaar in het vooruitzicht.
Maak er een mooi begin van, dat nieuwe jaar, en op naar een impactvol 2020!

 

 

,

Tweede Kamer wil betere (h)erkenning sociale ondernemingen

Op 2 december ging de Tweede Kamercommissie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) in gesprek over de Initiatiefnota ‘Ondernemen met een maatschappelijke missie’ van Eppo Bruins (ChristenUnie). In deze nota pleit Bruins onder andere voor de introductie van een BVm. De nota kon op veel steun rekenen van de aanwezige Kamerleden die allen concludeerden dat de (h)erkenning voor sociale ondernemingen beter moet, maar dat er meer informatie nodig is om de beste vervolgstap te bepalen.

‘En wat betekent dit voor de bakker om de hoek?’
Alle aanwezige Kamerleden (VVD, CDA, ChristenUnie, GroenLinks, PvdA en SP) kregen de kans om hun visie op de initiatiefnota te geven en vragen te stellen. Deze gingen vooral over wat de introductie van een BVm zou betekenen voor het brede MKB (‘de bakker om de hoek die de lokale voetbalclub sponsort’) en of andere instrumenten, zoals keurmerken, niet geschikter zijn dan een juridische modaliteit?

Bruins startte de verdediging van zijn Initiatiefnota met een referentie naar de eerste sociaal ondernemer van Nederland Jacques van Marken. In reactie op de vragen van Kamerleden gaf hij aan dat hij geenszins de waarde van het brede MKB wil ontkennen, in tegendeel, maar dat deze nota zich richt op de groep koplopers die hun maatschappelijke missie voorop zetten. Een modaliteit op de BV is volgens Bruins de beste oplossing, omdat dit de maatschappelijke missie juridisch borgt, bestuurders hierop aanspreekbaar maakt en een basis biedt om verschillende obstakels, zoals het ontvangen van verschillende financieringsvormen, weg te nemen.

Keijzer verwijst naar onderzoek, zeven moties ingediend
Ook Staatssecretaris van EZK Mona Keijzer reageerde op de initiatiefnota. Zij gaf aan dat het kabinet momenteel langs ‘twee sporen’ onderzoekt hoe de (h)erkenning voor sociale ondernemingen kan worden verbeterd. Momenteel worden de behoeften van ondernemers onderzocht, de resultaten hiervan stuurt de staatssecretaris februari 2020 naar de Kamer.
Aan het eind van het overleg werden de volgende moties ingediend, hierover wordt volgende week gestemd.

  • Tom van der Lee (GroenLinks): …. verzoekt de regering het PBL te vragen de toegevoegde waarde van sociale ondernemingen voor Nederland in kaart te brengen. (Oordeel Kamer)
  • Mustafa Amhaouch (CDA): …. verzoekt de regering indien er behoefte bestaat aan een BVm deze zo in te richten dat deze publiek private samenwerking niet in de weg staat. (Oordeel Kamer)
  • William Moorlag (PvdA): …. verzoekt de regering sociaal ondernemerschap een plek te geven in het nieuwe ESF kader 2021 – 2027. (Oordeel Kamer)
  • William Moorlag (PvdA): …. verzoekt de regering te onderzoeken hoe sociale ondernemingen beter in aanmerking kunnen komen voor het toekennen van overheidsopdrachten, de toegang tot publiek investeringskapitaal en vrijstelling van lasten en heffingen die geen redelijk doel dienen. (Ontraden)
  • Carla Dik Faber (ChristenUnie): …. verzoekt de regering verzoekt het kabinet te investeren in de doorontwikkeling van het Impactpad. (Oordeel Kamer)
  • Carla Dik Faber (ChristenUnie): …. verzoekt de regering een onafhankelijke expertgroep in te stellen die zich buigt over de belangrijkste vragen van de BVm. (Oordeel Kamer)
  • Carla Dik Faber (ChristenUnie): …. verzoekt de regering te onderzoeken hoe in het nieuwe inkoopbeleid meer ruimte komt voor sociale ondernemingen. (Oordeel Kamer)

De Tweede Kamer zal naar verwachting na de publicatie van het door staatssecretaris Keijzer aangekondigde onderzoek verder in debat gaan over het stimuleren van sociaal ondernemerschap.

(uit Social Enterprise NL – december 2019.