2019 – het kan beginnen!

Na een lange wandeling richting 2019 die ik voornamelijk tijdloos en buiten heb doorgebracht is het dan nu zo ver: 2019 is begonnen.
En deze begon stormachtig, en dan heb ik het niet enkel over het weer.

Bij de start van mijn werk na de vrije periode bleek mijn website gehackt te zijn. Het bracht me even van me stuk aangezien ik de ontspannenheid die ik had opgebouwd wilde vasthouden. Had een mooie planning voor de opstart gemaakt en deze viel even in het water. In plaats van die taken diende ik me bezig te houden met data limieten en updates. Iedereen die mij een beetje kent weet dat ik me daar liever niet mee bezig houd. Dat laat ik liever over aan de professionals die daar verstand van hebben.
Voor mij is het voldoende dat het werkt en als het dan even niet werkt, dan voel ik me vrij machteloos. Toch leer ik steeds beter te vertrouwen op de hulp die er is en alle lof voor mijn provider die het vrij snel heeft opgelost. Dien ik zelf nog wel wat handelingen te doen, echter het directe “gevaar ” is afgewend.

quote-218En zo ren ik 2019 binnen terwijl ik nog wilde wandelen. Ook omdat er best een druk en vol jaar voor de boeg ligt. De agenda is al vrij gevuld en vult zich met de dag. Dat is ook een luxe en aan de ene kant vind ik het weer spannend en dat is meer een gezonde spanning. Zo een die je scherp houdt en toch ook een gevoel van vertrouwen geeft.

Het leertraject Impact,  tesamen met het Impactnetwerk in Belgie. Dit jaar voor het eerst en hopelijk niet voor het laatst. Ook gaan we die aanpak opschalen naar Nederland en begin februari ontvouwen zich daar samen met mijn partners van Programma Impact de eerste concrete plannen voor. We houden je op de hoogte.

Dan zijn er nog twee meet trajecten, gericht op de kwetsbare doelgroepen van migranten en nieuwkomers. Allebei anders van aard en achtergrond met als rode draad die impact te willen maken op een gedegen wijze, die bijdraagt aan een inclusieve, veilige samenleving. Fijn om mee samen te werken en ook daar kijk ik naar uit.

En dan mijn coachees. Wat heb ik afgelopen jaar weer genoten van hun ontwikkelingen op ondernemersgebied. Drie daarvan hun traject loopt door in 2019. Houd ervan om met hen te sparren en al ervarende leren we samen.

Dat is even het begin van 2019 in een notendop.
Een ding is zeker en dat is dat ik zin heb in dit aankomende jaar. De tekenen laten zien dat het (opnieuw) een bijzonder jaar wordt. Ook besef ik dat ik richting de 15 jaar ondernemerschap ga. Einde van dit jaar is die mijlpaal bereikt.

Wens jullie allen een bijzonder mooi jaar, waar je het verschil kan maken wat je wil. En natuurlijk hoop ik dat samen met jullie te doen, want samenwerking is ook weer de sleutel dit jaar.

Kerstpakket met een verhaal

Veel sociale ondernemingen hebben speciale kerstpakketten die duurzaam en maatschappelijk verantwoord zijn. Kies dit jaar eens voor een kerstpakket met impact!

Op de site van Buy Social geven ze een aantal opties voor kant en klare pakketten, zoals die van The Green gift box en Eco Giving. Deze namen hoeven geen uitleg en geven al aardig aan waar het om gaat.
Stuk voor stuk heeft de samenstelling van deze pakketten een uniek verhaal en maken ze de wereld een beetje mooier. Niet alleen heel tof om te krijgen maar vooral leuk om te geven.

Mocht je nu niet voor een pakket willen gaan en toch voor een presentje met impact dan is daar altijd nog  De Youbedo boekenbon. De YouBeDo boekenbon: het is dé boekenbon voor een betere wereld. De ontvanger van de boekenbon krijgt de mogelijkheid om zelf een boek te kiezen uit meer dan 3 miljoen titels en daarnaast 10% van het aankoopbedrag te doneren aan een goed doel.
E
n als we het dan toch over lezen hebben. Op zoek naar diepgaande en onafhankelijke journalistiek? Geef dan een abonnement op De Correspondent cadeau.

En wil je in jouw stad weten elke sociaal verantwoorde ondernemers er mooie producten en diensten bieden,dan zijn er diverse digitale platforms die daar een overzicht van geven.

In Amsterdam kun je terecht op de digitale marktplaats voor sociaal verantwoord ondernemen. Hier vind je een overzicht van de sociale firma’s in Amsterdam.
Ga lekker ruikend het nieuwe jaar in met zeep van de De Amsterdamsche Zeepfabriek, een ambachtelijke zeepziederij waar heerlijke zepen worden gemaakt van biologische oliën en vetten, gebaseerd op de bruisende Amsterdamse zeeptraditie”

Op Ondernemen 010 kun je in het segment Verhalen uit de Stad diverse sociaal ondernemers in Rotterdam vinden.
Verwen jouw dierbare met Rotterdamsche confituur  jam. En niet zomaar jam, maar heel bijzondere jam. Met ingrediënten van hoge kwaliteit, bij voorkeur biologisch of afkomstig van lokale producenten. Bij het productieproces zijn leerlingen van Voortgezet Speciaal Onderwijs (VSO) Herewaard betrokken.

En mocht je daar niet kunnen slagen, denk dan aan al die lokale ondernemers die ook zeker duurzaam en verantwoorde produkten verkopen in jouw buurt.
Op Social Enterprise.nl vind je veel van de sociaal ondernemingen waar je de mooiste producten en diensten kan afnemen.

Dan wordt het vast een fijne kerst en een nog mooiere toekomst!

Vrouwelijke (sociaal ) ondernemers serieus genomen?!

Wat schets mijn verbazing als ik in het FD een artikel lees met de titel ” Investeringsfondsen zien startups van vrouwen over het hoofd – negen op de tien investeringen gaan naar mannen’”.

En dat terwijl ik juist eerder las dit jaar dat vrouwelijke ondernemers met sociale bedrijven  kansrijker blijken.
Hoe zit dit, gaat het eerste artikel juist over een ander type ondernemer, vragen vrouwen niet zo snel geld aan bij een investeringsfonds? Of hebben ze het gewoon niet nodig :-).

Dat laatste is uiteraard ironisch bedoeld. Want ja, ook vrouwen dienen investeringen te  doen, wanneer het gaat om innovatieve oplossingen.

Vrijwel al het geld van investeringsfondsen voor jonge bedrijven, gaat naar startups die geleid worden door mannen.

Branchevereniging NVP denkt te weten waar het probleem ligt. Investeringsfondsen worden volgens de vereniging minder benaderd door startups onder leiding van vrouwen.
Mede-oprichtster Corinne Vigreux van navigatiespecialist TomTom denkt dat het niet aan de vrouwen zelf ligt. Tegen het FD zegt zij dat de directies van investeringsfondsen voornamelijk uit mannen bestaan. “Mannen hebben nu eenmaal niet de neiging om geld te geven aan vrouwen. Je financiert mensen die op jou lijken.”

Als Lotte Leufkens tegenover een investeerder zit, krijgt ze vragen als ‘Kun jij rondkomen van je bedrijf?’ Of: ‘Kun jij je medewerkers betalen?’ Ze kan het niet bewijzen, maar ze heeft een sterk vermoeden dat die vragen niet gesteld zouden worden als ze een man was.

‘Ik begrijp het niet’, zegt de 26-jarige Delftse werktuigbouwkundige. ‘Ik heb vijf werknemers, ik huur een pand, ik heb aantoonbare omzet. Waarom krijg ík zulke vragen?’

Uit een studie van VU-onderzoeker Eva de Mol en investeerder Janneke Niessen, dat Nederlandse durfinvesteerders weinig geld steken in start-ups die door vrouwen worden geleid: 1,6% van de deals wordt gesloten met bedrijven die uitsluitend vrouwen in de leiding hebben, 6,8% is met gemengde teams. Ze bekeken 377 bedrijven, die gefinancierd waren door bijna veertig fondsen.

Aan het aanbod hoeft het niet te liggen. Verschillende fondsbeheerders zeggen dat ze veel voorstellen van vrouwen krijgen aangeboden. Bij sommige fondsen zijn de vrouwelijke ondernemers ook beter vertegenwoordigd. Bij Social Impact Ventures gaat het om een derde van de investeringen. Bij Inkef, een fonds dat in biomedische en it-bedrijven investeert, heeft de helft van de biomedische bedrijven een vrouwelijke oprichter of manager (één is onlangs verkocht).

Wellicht komt dat door dat andere artikel die stelt dat vrouwelijke sociaal ondernemers kansrijker en succesvoller zijn en Social Impact Ventures investeert juist in die impact, zij het ook met een gezond business model. Het is immers geen gift, wel een serieuze investering.

Dus het tij kan nog gekeerd worden en daarmee dat Venture Capitalists  open staan voor de successen van social impact proposities.’ En wat meer oog voor het anders denken en rekenen door vrouwen. Er zijn genoeg succesvolle voorbeelden, dus VC, wie volgt?
En wij vrouwen moeten inderdaad leren om groter te denken.
Dus en de investeerders opvoeden en anders denken; dan zal de trend hopelijk komend jaar niet hetzelfde zijn als voorgaande jaren!

(bronnen FD en Sprout)

Social enterprise monitor nog eens vanuit het veld bekeken

De Social Enterprise Monitor 2018 biedt inzicht in de ontwikkeling van social enterprises in Nederland.
Elk jaar komt er een rapport uit en biedt inzicht in de grootste successen als ook de uitdagingen en op welk gebieden er weer wat is veranderd.

Als je de samenvatting leest dan zijn het voor mij meer dan feiten. Ik zie het gebeuren  en vanuit de management samenvatting probeer ik het dichterbij voor mezelf te brengen in deze blog.

1.Diverse maatschappelijke missies De meeste sociale ondernemingen (41% van de respondenten) richten zich op het verhogen van de arbeidsparticipatie van een kwetsbare doelgroep.  Ook het verhogen van welzijn en tegengaan van milieuvervuiling worden vaak genoemd. Een opkomende trend is het verduurzamen van het voedselsysteem, 86% van de bedrijven die zich hierop richten zijn in 2013 of later opgericht.

Ja, steeds meer sociaal ondernemers hebben een hybride of diverse impact doelstellingen. De Duurzame Dinsdag ontving dit jaar voor het merendeel plannen die bijdragen aan de circulaire economie. Verschillende sociaal ondernemende horeca zaken  werken niet enkel met medewerkers met een langere afstand tot de arbeidsmarkt, maar richten zich ook op milieu (no waste ) en duurzame produkten.
En zo bewegen sociaal ondernemers zich ook in diverse domeinen; een voedselconcept dat bijdraagt aan inclusiviteit of terugdringen van eenzaamheid bij ouderen (bvb Thuisafgehaald) of een initiatief die zich richt op voedselverspilling en ook iets betekent voor de zorg. Dat soort innovatieve , domeinoverschrijdende , concepten kom ik steeds meer tegen.

2.Groei en toename winstgevendheid Het aandeel winstgevende sociale ondernemingen neemt toe. 44% van de ondernemingen gaf aan over 2017 winstgevend te zijn, over 2015 was dit 36%. Naarmate ondernemingen langer bestaan zijn ze vaker winstgevend. Ook omzet (gemiddeld met 26%) en werkgelegenheid (gemiddeld met 21%) nemen toe bij sociale ondernemingen.

Ja, hoor om me heen van mensen die eerst dachten dat ik een over enthousiaste en hoopvolle idealist was, dat het hen ook niet ontgaat. Het is steeds bekender en duidelijker dat het niet enkel gaat om “kleine”initiatiefjes, hoewel ik de waarde van deze zeker niet onderschat. Geloof in think global, act local, neemt echter niet weg dat opschaling dat lokale karakter niet hoeft aan te tasten. En dat hier wordt gerefereerd aan ondernemingen die al langer bestaan onderschrijf ik ook. Begonnen met een hybride business model gaan deze steeds meer en beter hun eigen broek op houden, ook op grotere schaal, dus ja, winstgevender. (zonder hun sociale impact doelstelling te vergeten trouwens :-))

3.Impact wordt uitgevraagd en gemeten Een ruime meerderheid van de ondernemingen (63%) geeft aan impact te meten. Dit percentage ligt iets hoger dan voorgaande jaren. Bij 75% van de ondernemingen vraagt een van de stakeholders om een impact rapportage. Een kleine groep (8%) ondernemers geeft aan meetindicatoren in te stellen aan de hand van de SDG’s.

Ja, gelukkig. Als een van de eerste kruisvaarders op dit gebied ben ik verheugd over deze uitkomst. Ingegeven door externe voorwaarden van stakeholders, echter ook gezien als steeds belangrijker onderdeel om direct aan te beginnen als je start. Ook steeds meer gebruikt als aanscherp instrument voor aanpak en organisatie dan enkel als een noodzakelijk “kwaad”als zijnde een rapport. Zelf ervaar ik de ondernemers als enthousiaster over het meten en weten en waarom en wat ze eraan hebben en mee kunnen. Het wordt onderdeel van hun wijze van ondernemen. Ik juich het toe en dit percentage ligt aanzienlijk hoger dan een aantal jaren geleden!

4.Sociaal ondernemers willen anderen beïnvloeden Impact vergroten gebeurt niet alleen door meer producten of diensten te verkopen, maar ook door andere spelers zoals bedrijven en overheden te beïnvloeden. Voor sociaal ondernemers is dit onderdeel van hun strategie, maar liefst 69% van de respondenten geeft aan gekopieerd te willen worden door andere bedrijven om daarmee hun impact te vergroten en 52% probeert het functioneren van een hele markt te veranderen.

Ja, ook dat onderschrijf ik als een ontwikkeling die domeinen met elkaar laat samenwerken, overheden laat nadenken en het private domein doet samenwerken , gericht op social impact. He gaat bij Impact ook om een systemische verandering, een grotere, langdurige verandering die effect heeft op een grotere doelgroep.

5.Meerderheid trekt met succes financiering aan 60% van de respondenten zocht in 2017 financiering. Een grote meerderheid (84%) hiervan heeft dit met succes aangetrokken. Bijna driekwart (71%) van de ondernemers trekt verschillende vormen van financiering aan.

Ja, en vanuit mijn optiek heeft dat ook sterk te maken met punt 4, het impact meten. Daarnaast is het geen vreemde eend meer in de bijt en begrijpen steeds meer banken en andersoortige investeerders waar het echt om gaat. En ja, daar willen ze wel in investeren. Dus die aantrekking komt van beide kanten en beide partijen dragen daarbinnen ook een verantwoordelijkheid met zich mee. De afhankelijkheid vansubsidies en donaties vermindert ook door de aanscherping van de business modellen. Steeds meer sociaal ondernemers trekken inderdaad verschillende vormen van financiering aan.Ook impact investeerders is een groeiende groep.

6.Gemeente relevante stakeholder, maar verkokering probleem Het grootste deel (71%) van de respondenten geeft aan dat de gemeente voor hen een relevante stakeholder is. Bijna de helft van de ondernemers (40%) ervaart dat de gemeente hen herkent en erkent, maar bijna geen ondernemers (5%) is van mening dat alle afdelingen van de gemeente goed samenwerken.

Ja, waar ze elkaar vroeger totaal niet begrepen , spreken ze nu meer dezelfde taal. Het gezamenlijk belang wordt meer en meer gedeeld en ook hierbij heeft impact meten en communiceren een rol. Daarnaast zal ontschotting (door domeinoverschrijdende innovatieve concepten ) nodig zijn, kijk naar de zorg. Ook zijn in de loop der jaren de taken van de gemeenten en hun verantwoordelijkheid veranderd. Kijk naar de G40, het stedelijk gemeenten netwerk, die het onderwerp sociaal ondernemerschap als het ware hebben geadopteerd. Ze nemen het voortouw  in het opstellen van een strategische agenda; met als speerpunten ruimte voor ondernemen en sociaal ondernemerschap.

7. Marktomstandigheden verbeteren Een grote meerderheid van de ondernemers (77%) geeft aan dat ‘herkenning en erkenning’ voor sociale ondernemingen de afgelopen jaren is toegenomen en dat consumenten en bedrijven impact belangrijker vinden. Beleid van de Rijksoverheid is volgens ondernemers de afgelopen jaren niet verbeterd

>Ja, zowel privaat als publiek domein geeft meer aandacht aan sociaal ondernemers. Daarom vind ik de ondertitel wat betreft ruimte voor ondernemende activisten van dit rapport enigszins jammer. Sociaal ondernemers doen meer dan dat en het wordt meer en meer gezien en ervaren. Media draagt bij aan de bewustwording en we zien dat het anders moet en ook nog kan. Iedereen kan daaraan een steentje bijdragen en dat is mooi om te zien. Was het eerder enkel voorbehouden aan een kleine(re) groep, wordt het nu breder beleefd en ervaren en ook naar gehandeld. Mainstream is wellicht nog een te grote stap, toch besef en bemerk ik dat het steeds breder “gedragen “wordt en als serieus wordt gezien. Verschillende boeken dragen daar ook aan bij (Goede zaken, etc)
En ja, de Rijksoverheid geeft in deze niet helemaal het goede voorbeeld, wellicht met de nieuwe nota’s maken we daar ook een stap voorwaarts.

Kortom hoopvol en niet enkel in cijfers uitgedrukt. Het gebeurt en er gaat nog veel meer gebeuren. Niet enkel voorbehouden aan de sociaal ondernemer zelf, wel in samenwerking met elkaar. We doen het samen en de toekomst is NU!

 

Duurzaam co-werken

Wat vroeger nog een kantoor heette benoemt men tegenwoordig als een co-werkplek. In elke stad, dorp of anderszins vind je wel van dit soort plekken. Vaak annex cafe en of restaurant, wat dan ook vaak een duurzaam tintje heeft.

Bij deze belicht ik er even drie, waar je ook een workshop of een training zou kunnen houden.

Co-workspace De Werkfabriek is gevestigd in een voormalige drukkerij. Rogier Dop is directeur en vertelt hoe hij sociaal ondernemerschap combineert met duurzaam vastgoedbeheer. “We willen het duurzaam doen.”

werkfabriekDe Werkfabriek in Den Haag is een zogenaamde co-workspace. In het kantoorpand zijn verschillende bedrijven verzameld met als overeenkomst dat ze sociaal ondernemen hoog in het vaandel hebben staan. Veel bedrijven huren er een kantoorunit of werkplek, zoals designbureau DSGND, architecten als Hofstede Architecten en adviesbureaus als Public Partners.

De huidige Werkfabriek is in 2016 hier begonnen, vertelt directeur Rogier Dop. Maar de oorsprong van de gezamenlijke werkruimte gaat terug tot de jaren negentig. Initiatiefnemer achter De Werkfabriek is het Haagse glazenwassersbedrijf Nelis Company, opgericht door Ian Smeyers, dat een lange traditie kent in het aannemen van jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt, vroeger ook wel straatschoffies genoemd.

Vragen

Volgens Dop was het oprichten van De Werkfabriek dan ook niet zo’n heel grote stap. Al is er volgens hem wel het een en ander veranderd, als het om de definitie van sociaal ondernemen gaat. “Daar kun je onder verstaan dat je een sociale impact wil bereiken. Maar ook dat je duurzaam wil ondernemen.” De gemene deler is de behoefte om goed te doen. Al moet er onderaan de streep wel wat overblijven, benadrukt hij.

Voor een kantoor waar sociaal en duurzaam ondernemen van belang zijn, is het natuurlijk logisch om ook het vastgoedbeheer onder de loep te nemen, zegt Dop. “Hoe run je het bedrijf? Hoe kunnen we duurzamer worden en kosten besparen ? Dat zijn vragen waar we mee bezig zijn.”

Wil jij meer weten over het daglicht, wat ze hebben met de bijen, lees dan hun verhaal over temperatuurregeling en energie besparen op RTLZ

Sociale prachtplek in de duinen

Een van de inspirerende dingen van mijn workshops is dat ik regelmatig op locaties terechtkom en met mensen werk die mij nog onbekend zijn en direct een plekje veroveren in mijn hart.
Zo ook De Oude Keuken in Castdok-2ricum, met wie ik een workshop Impact verzorgde voor het Spark-programma. Wat een gedreven en betrokken mensen zijn dat. Zij hebben een sociale onderneming neergezet, waar je stil en warm van wordt.
En dan de locatie: een prachtig restaurant en zalen op het GGZ-terrein Dijk en Duin, Castricum. Dit wordt onder andere gerund door leerling-medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt. Op het fraaie terras is het goed toeven.
Mocht je een hapje willen eten, een muziekoptreden willen bijwonen, of een locatie zoeken voor jouw evenement; denk dan eens aan DOK. Ik kan het warm aanbevelen.

Sociaal ondernemende meeting plek in het centrum van Amsterdam

En je kan tegenwoordig ook komen co-werken bij ondergetekende, Evenaar & Partners. Hoe duurzaam we zijn is aan jou, weet  wel dat onze intentie daar ligt, ook op het gebied van samenwerken.kantoorcollageVoldoende inspiratie en innovatie en zeer centraal gelegen; slechts 5 minuten van het Centraal Station in Amsterdam. Ook geschikt voor het geven van (kleine) workshops en het houden van meetings.

Wil je meer informatie of het een geschikt co-werkplekje voor jou is of je wil reserveren voor een overleg met meerdere mensen. Mail me en ik neem contact met je op.
Wellicht zie ik je daar!

 

Geef jouw idee een podium in politiek Den Haag

De eerste dinsdag van september is Duurzame Dinsdag. Een bijzondere dag waarop duurzame ideeën en initiatieven een podium krijgen in politiek Den Haag.
Elk jaar is de koffer weer gevuld met alle soorten duurzame ideeën en initiatieven.
Van uitgewerkt businessplan tot een briljant duurzaam idee in het eigen huishouden, alles komt samen in de koffer. Ook de afzenders van de ideeën en initiatieven zijn enorm divers. Ze komen onder andere van particulieren, verenigingen, bedrijven, maatschappelijke organisaties en start-ups. Samen laten ze zien dat duurzaamheid leeft, en geen ‘ver-van-mijn-bed-show’ is.

En elk jaar groeit het aantal. De teller voor dit jaar staat op 359.   De 100 beste initiatieven hebben inmiddels een uitnodiging ontvangen voor Duurzame Dinsdag. Wie genomineerd is, blijft nog spannend tot eind augustus…
Ik ben benieuwd. Benieuwd welke ideeën er tot nu toe in de koffer zitten? Kijk in de koffer!

Het vervolg en een terugblik

Een bijzondere dinsdag en juich deze  toe al ben ik ook zo benieuwd wat er daarna met deze initiatieven gebeurd. Hoe vergaat het ze na deze Duurzame Dinsdag?  Ik was kennelijk niet de enige die wilde weten hoe het verder gaat met ingezonden ideeën en initiatieven. De organisatie zocht een aantal van de inzenders op.

Hoe is het met de ‘Plastic Whale Foundation’ zeven jaar na het meedoen aan Duurzame Dinsdag?

‘Ik was ervan overtuigd dat de tijd rijp was om te dóén.’

Plastic Whale: Marius Smit wil een boot bouwen van plastic afval en daarmee door Nederland varen. Zijn doel is niet alleen aandacht vragen voor het groeiende probleem van de plastic soep, maar ook om een oplossing te zoeken voor het probleem. Saillant detail: Marius heeft nog nooit een boot bestuurd, laat staan gebouwd. Hij heeft bovendien geen middelen, behalve de blog waarmee hij begin dit jaar is gestart. Met zijn project Plastic Whale daagt hij consumenten, bedrijven en overheid uit om hem te helpen bij zijn uitdaging: ‘Samen pakken we het probleem aan.’

Deze tekst stond in 2011 op de website van Duurzame Dinsdag. Plastic Whale behoorde dat jaar niet tot de winnaars. Maar het initiatief kreeg op een andere manier vleugels. De facebook-pagina van Marius ontplofte door allemaal enthousiaste mensen die wilden helpen. Plastic Whale heeft in zeven jaar tijd een enorme ontwikkeling doorgemaakt.

‘Het meedoen aan Duurzame Dinsdag sterkte mij in het idee dat ik op de goede weg was.

Lees het verhaal van Founder Marius Smit die vertelt hoe dit zo gekomen is en waar ze nu staan.

In 2016 deed BroodNodig mee aan Duurzame Dinsdag. Hoe is het ze sindsdien vergaan?

‘Ik ben nog niemand tegen gekomen die ‘nee’ zei tegen het recyclen van brood.”

Van al het voedsel dat in Nederland weggegooid wordt is 80% brood. Een enorme verspilling van grondstoffen en energie. Dan hebben we het nog niet eens over ratten- en meeuwenplagen of zieke dieren die van het brood gegeten hebben.
Dat kan en moet anders dacht Angelique Verdenne uit Rotterdam. ‘Laten we dat oude brood ophalen en er iets nuttigs meedoen.’
Zo werd in 2015 BroodNodig geboren en deden ze in 2016 mee aan Duurzame Dinsdag.
In gesprek met Paula Zwitser campagneleider ‘BroodNodig’ vertelt ze hoe ze het aanpakten.

Waar staat BroodNodig anno 2018?

‘Wij zijn van twintig naar zestig broodbakken in de stad gegaan. Maar dat is natuurlijk niet alles. Het belangrijkste is dat wij een shift hebben gemaakt van de nadruk op het vergisten en ophalen van brood naar een 100% focus op campagnevoeren. Campagnes niet alleen voor bewustwording en het voorkómen van voedselverspilling maar ook voor duurzaamheid in het algemeen.’

‘Brood heeft een grote symbolische waarde voor de meeste culturen. Ik ben nog niemand tegen gekomen die ‘nee’ zei tegen het recyclen van brood. Daarom gebruiken wij brood als kruiwagen om het over duurzaamheid te hebben.’ Door onze wijkgerichte aanpak hebben we een groot netwerk in Rotterdam waarmee we samen met de inwoners oplossingen bedenken voor de problemen.’

Lees hun verhalen en die van Physee, De Tassenbol e.a. op Duurzame Dinsdag. 

Ben benieuwd naar dit jaar en welke beste ideeën een prijs krijgen. Ook nieuwsgierig naar De Duurzame Troonrede  en hoe de politiek en de initiatieven het na die dinsdag weer oppakken!

‘Geiten-wollen-sokken’-fase sociaal ondernemen voorbij

Zon veertien jaar geleden diende ik aan iedereen nog uit te leggen wat ik nu precies ging doen en nu nog steeds doe. De uitleg is vaak minder nodig dankzij de goede voorbeelden van die sociaal ondernemingen die laten zien dat het anders kan en daarmee ook gewoon hun geld verdienen.
En ook daaromheen verandert de wereld; de sociaal ondernemer die een ondernemende oplossing voorstelt voor een sociaal probleem wordt serieus genomen, ook door de publieke en sociale domeinen. Er is nog een lange weg te gaan, we zijn echter wel echt op weg.

De vraag die ik destijds kreeg of ik een beetje gek geworden was, te idealistisch of in de zorg ging, die hoef ik gelukkig niet meer te beantwoorden. Mijn drijfveer van een inclusieve samenleving is helder en als sociaal ondernemerschap daarvoor het instrument is, naast andere tools, dan begrijpen mensen het al steeds beter. Ik ken beide kanten van zowel privaat als publiek en sociaal domein. Dus ja, sociaal met een realistische factor heeft er altijd al ingezeten.

Dus toen ik de titel las van het interview met Willemijn Verloop over het voorbij zijn van de “geiten-wollen-sokken fase was dat uit mijn hart gegrepen. Neemt niet weg dat Impact First voor mij overeind staat en dat “green washing” of sociaal ondernemen (of advies daarin geven) omdat het serious business is, nog steeds met een kritische blik door mij wordt bezien. Al zie ik ook dat voor de grote veranderingen die we nu teweeg brengen, er meer nodig is. Blijf echter wel kritisch en voor mij gaat het om drie elementen:

Sociale waarde – financiele waarde en institutionele legitimiteit.

Lees hier het interview en lees ook het boek Zaken die je Raken.( en als je het dan toch koopt, sommige goede doelen zijn met geen enkel business model rendabel te maken, echter wel belangrijk voor onze samenleving. Dus koop het dan bij YoubeDo Dezelfde boeken. Dezelfde prijs. Tot 12% van je aankoop gaat naar een goed doel dat jij kiest)

Willemijn Verloop werd bij een groot publiek bekend als oprichter van War Child. In 2012 richtte ze Social Enterprise NL op, voor ondernemers die met hun bedrijf oplossingen zoeken voor maatschappelijke vraagstukken als vergrijzing en grond en voeding. “Het draait om geld verdienen, winst maken en impact creëren”, schrijft ze in haar onlangs verschenen boek Zaken die je Raken.

Volgens Verloop ligt de ‘geiten-wollen-sokken’-fase van het sociaal ondernemerschap allang achter ons: “Omdat we winst maken niet vies vinden. Je hebt geldreserves nodig voor als het minder goed gaat. Je wil niet het risico lopen om te vallen als het even tegenzit. Maar voor de duidelijkheid: maatschappelijke impact gaat voor winstmaximalisatie. Ik denk dat we het tij nu meehebben.”

Ze baseert het op het toenemend aantal voorbeelden van succesvolle Nederlandse sociale ondernemingen. Welke dan? “Triodos Bank, dat met duurzaam bankieren invloed heeft in binnen- en buitenland. Fairphone slaat nu ook internationaal aan, de mobiele telefoon waarvan alle onderdelen duurzaam geproduceerd worden. En Reflow probeert de 3D printrevolutie honderd procent duurzaam vorm te geven.”

Volgende stap sociaal ondernemersschap

In Zaken die je Raken veel nieuwe voorbeelden: Studio Jux is een modemerk met een kantoortje in Amsterdam en een fabriek waar veertig mensen werken in Nepal. “Het bedrijf is voor hen opgezet. Ze worden opgeleid tot kleermaker en krijgen een fatsoenlijk loon en goede arbeidsomstandigheden aangeboden. En het bedrijf Freebird Club uit Ierland, heeft een online platform voor senioren opgezet dat ouderen aanmoedigt op reis te gaan en in elkaars huis te verblijven.”

Een heel groot voorbeeld is Tony Chocolonely. Verloop, alert, nog voor de vraag gesteld is: “Maar ik zou het zelf niet noemen omdat ik er als commissaris bij betrokken ben.” In het interview legt ze uit hoe sociaal ondernemerschap een volgende grote stap kan maken, om naast de sympathiefactor ook een stevig businessmodel te ontwikkelen dat wijd verspreid kan worden.

(bron RTLZ- Paul van Liempt 13 juli 2018)

De toekomst is NU!

Zo vlak voor de zomerstop staat de wereld nog lang niet stil. Tenminste niet “mijn”wereld. Er wordt nog volop gespard, verkend, geschreven en ontwikkeld en zeker waar het gaat om de samenleving en hoe we met elkaar kunnen leven. Anders, met innovatieve oplossingen, andere denkwijzen en andere rollen en taken voor een ieder, inclusief de gevestigde pilaren in die samenleving.

Dat is een goede zaak al vraag ik me soms af of ik de afgelopen zeven jaar in een parralel universum heb geleefd. Zo’n wereld waar de betrokkenheid bij de samenleving gemeengoed is en de standaard, waar ondernemen vanuit de impact die het heeft op deze samenleving,  centraal staan. Gericht op een andere manier van denken en handelen, de ene noemt het innovatief en de ander gewoon logisch nadenken. De een verkent en onderzoekt en de ander doet het gewoon. Dat is ook allemaal nodig en ik prijs me gelukkig dat ik zie dat het niet meer zo als vreemd of te idealistisch wordt ervaren.

Toch zie ik sommige artikelen en onderzoeken voorbij komen waarbij het nog steeds niet helemaal duidelijk is wat er nu aan het gebeuren is, voor welke kantelingen in de samenleving we staan en hoe dichtbij deze zijn. Het verwoorden hiervan en het stimuleren van deze ontwikkelingen vergt een taal die we allemaal verstaan en in ieder geval een toetsing dat we het over hetzelfde hebben. Dat mist nog wel eens waardoor de kern verloren gaat en de gewenste ontwikkelingen een vertraging oplopen.

Nog fff geduld

Ik  bemerk dat mijn geduld een grens heeft en besef dat ik zo graag een versnelling wil. Misschien komt het door mijn gewandel en vaak ook geploeter van de afgelopen veertien jaar in dit veld en al ben ik echt blij met de huidige ontwikkelingen die we zeven jaar geleden echt niet voor mogelijk hielden, mis ik soms iets. Zoals het beeld van diegenen die hier al echt mee aan de slag zijn en het algemeen delen van deze leerlessen, zodat alles inderdaad in die stroom versnelling komt.

Daarbij besef ik ook dat wij, als maatschappelijk middenveld, de verantwoordelijkheid en trekkersrol die we hebben in die versnelling, ook te lang voor ons uitgeschoven hebben. Te afwachtend soms , al is het fijn om te zien dat we nu meer durven en ons voortschrijdend inzicht door de ervaringen ons daarbij helpt. Net als de veranderingen in de samenleving en hoe we daarmee omgaan.
Natuurlijk kon niet alles wat we voor ogen hadden en waren (en zijn) er nog steeds algemene regels en wetgeving die ons soms in een spagaat brengen. Toch is er een steeds grotere massa die hiermee aan het werk is, die domein overschrijdend werkt en het belang van samenwerken, samen optrekken en de kennis te delen die we allen inmiddels hebben vergaard, zeker onderschrijft.

Dat stuwt de ontwikkelingen van het sociaal ondernemerschap op en al ben ik niet van de labels en definities besef ik terdege dat een gemeenschappelijke “understanding” van dat begrip en wat deze ondernemers beogen van belang is. En dat geldt niet enkel voor hen, ook de rol van overheid en de corporates verandert en ook daar zijn die aspecten van samenwerking en kennis delen en het gewoon ervaren,  vanuit de Good Practices die er al zijn, van belang.

Kunnen en durven we het?

Dus laten we de hekken laten zakken, de domeinen anders benoemen (opheffen is misschien nog een stap te ver), en onze rollen en taken beter op elkaar en elkaars behoeften afstemmen. Gooi het open en laten we zien wat er gebeurt. Wie staat er op en durft een nieuwe aanpak aan ?

En natuurlijk is er iets van een gestructureerde aanpak nodig om de veranderingen te verduurzamen en de impact op de samenleving te vergroten. Kunnen we dat onderwijs ,de zorg en het welzijn verbeteren op een manier die werkt, voor iedereen? Hebben we voldoende slagkracht en zoeken we elkaar op als we dat niet hebben? Hebben we inmiddels op diverse gebieden zoveel aansprekende voorbeelden dat het niet als Utopie ervaren wordt, ook voor diegenen die er verder van af staan ?

Meer vragen dan antwoorden. Gesteld vanuit een onvermogen en ongeduld, aan te pakken vanuit vermogen, kennis en ervaring en de tijd nemen. Rome was niet in een dag gebouwd. Ik weet het. Laten we echter niet nogmaals zeven jaar wachten, dat hoeft immers niet.

De plannen liggen er, er zijn genoeg partijen die hun kennis en ervaring samen inzetten, en er zijn mensen met lef die het wel willen doen. Ik ben benieuwd waar we over zeven jaar staan en wat voor stuk ik dan lees en of schrijf. Ik ervaar het ook als prikkelend en een voorrecht zo in de voorhoede te kunnen en mogen staan.

Zoals ik al eerder schreef :

“Begin dit jaar schreef ik mijn nieuwsbrief dat ik voelde aan alles dat dit jaar een bepaalde tinteling in zich draagt. Nu halverwege besef en bemerk ik dat de tintelingen over gaan in prikkelende gesprekken op de meest vreemde en mooie plekken met mensen die stappen (willen) zetten. Kan daarvan genieten en de belofte van een impactvol jaar wordt steeds concreter en komt dichterbij. Wartaal voor de een, ver van mijn bed show voor de ander en voor steeds meer mensen een andere samenleving die we zelf maken en die steeds bereikbaarder wordt. Schreef het al eerder en het blijft maar doorgaan. Kan er niet meer omheen en wil ik ook niet! ”
“We are trying to construct a more inclusive society. We are going to make a country in which no one is left out.” – Franklin D. Roosevelt

Dus eromheen al lang niet meer. Nog meer een aandeel en verantwoordelijkheid nemen; graag !
Gedurende de zomerstop daar maar eens serieus werk van en plannen voor maken; de toekomst is NU !

Jonge ondernemers willen vooral ‘positieve impact’ maken

Al langere tijd ben ik expertise partner van Enactus VU. Het ene jaar wat directer  dan het andere, toch altijd op een of andere manier betrokken bij deze wereldwijde organisatie, en dan specifiek de VU tak, aangezien ik ook in Amsterdam gevestigd ben.

Door kansen te zien in de maatschappij en daaruit waarde te creëren, en samen te werken met zowel het bedrijfsleven als de academische wereld, zet Enactus  projecten op die uiteindelijk zelfstandige ondernemingen worden. Op die manier willen zij bijdragen aan een betere en duurzame wereld.

Je begrijpt; daar draag ik ook graag aan bij. Afgelopen jaren trapte ik vaak af met een workshop over sociaal ondernemerschap en of impact en dit jaar ben ik sparringspartner van de binnenkort exiterende SYA (Share Your Appetite) start up. Dat is fijn samenwerken.
Zoals ik altijd gekscherend tegen deze studenten zeg: we werken  samen aan die systemische veranderingen en die betere, duurzame wereld op een innovatieve manier . En die inclusieve samenleving maak ik wellicht niet meer mee, jullie wel! 🙂

Het zijn ook geen studenten experimenten als in hobby, het zijn wel degelijk echte sociaal ondernemingen, in spe of al langere tijd werkzaam, ook na de studentenperiode en de tijd van Enactus. Zoals onderstaand artikel ook beschrijft als “Enexits”.

Dat ook op universiteiten en hogescholen tegenwoordig oog is voor ondernemerschap, blijkt wel uit het succes van Enactus, dat op inmiddels 15 plekken in Nederland ‘social entrepreneurship’ van de grond krijgt. Wat zegt dit over de komende generatie ondernemers?

In 2015 bezocht Jermain van der Graaf een café in Zuid-Afrika. Daar raakte de Utrechtse student gefascineerd door de bijzondere drinkglazen. Die waren namelijk gemaakt van… lege flessen. Eenmaal terug in Nederland startte hij Rebottled, een onderneming waar inmiddels lege wijnflessen worden verwerkt tot nieuwe producten, zoals glazen, lampen en kaarsenstandaards. Dat allemaal in een sociale werkplaats van het Leger Des Heils.

De onderneming startte hij onder de vleugels van Enactus, de internationale beweging die studenten over de hele wereld helpt bij de eerste schreden op het (sociale) ondernemerspad. Met de kennis en het netwerk dat hij daar opdoet, haalt Van der Graaf vervolgens grote partners binnen als PwC, Van der Valk, de Sligro en de Praxis, net als een financiering van enkele tonnen.

Het levert dit jaar uiteindelijk zelfs een selectie op in de 25 onder 25, de jaarlijkse ranglijst van Sprout met het meest ondernemende talent van Nederland.

“Wij staan symbool voor de missie van Nederland om 2050 compleet circulair te worden”, zei Van der Graaf bij die uitverkiezing. “Wij zijn de verandering. Wij zijn de revolutie.”

Op eigen benen staan

Rebottled is een van de vele voorbeelden die de afgelopen jaren zijn ontstaan op de universiteiten, maar die na enkele jaren proefdraaien in een relatief veilige omgeving in staat bleken op eigen benen te staan. Zo verging het bijvoorbeeld eerder ook initiatieven als Baking PowerEnergiekliekKlikstart en De Buren.

Een ‘Enexit’ noemen ze dat bij Enactus, de club waar ‘sociaal ondernemerschap’ hoog in het vaandel staat. Het is er officieel niet het hoogste doel. Het gaat hen er in de eerste plaats om maatschappelijke problemen op te lossen. Maar dan wel op een ondernemende manier: er moeten niet alleen mensen geholpen worden, er moet ook geld verdiend worden. Alleen zo kun je iets duurzaams tot stand brengen, met blijvende sociale impact, zo is wel de overtuiging.

Miljonair worden en levens verbeteren

JE KUNT BEST MILJONAIR WORDEN, ALS JE TEGELIJK HET LEVEN VAN EEN MILJOEN MENSEN BETER MAAKT

“Je kunt best miljonair worden, als je tegelijk het leven van een miljoen mensen beter maakt”, zo legt Laura Nieboer het mooi uit, afgelopen jaar de voorzitter van de Maastrichtse Enactus-afdeling. De ‘ventures’ die de ruim 50 deelnemende studenten in Limburg opzetten liepen zelf nog lang niet in de miljoenen, noch qua omzet, noch qua bereikte mensen. Maar daar gaat het ook niet om, benadrukt Nieboer, die vrijdag voor haar inspanningen een Future Leadership Mentoring Programme cadeau kreeg van adviesbureau Ebbinge.

“Voor mij gaat het erom dat je leert dat je als student al het verschil kunt maken in de samenleving. Ik ben hier als persoon enorm gegroeid. Ik ben me veel meer bewust geworden van wat ik goed doe, en wat minder. Daar heb ik de rest van mijn leven wat aan.”

‘Niet alleen woorden, ook: doen’

Het ondernemerschap zit er inmiddels wel in bij haar. Bij het University College waar ze studeert zitten veel ‘wereldverbeteraars’, zoals ze het noemt. En ze liep ook al stage bij de corporate social responsibility-afdeling van DSM. Allemaal mooi en nuttig, zegt ze, “maar ik miste daar ook wel een stukje spanning. Ik was er te veel een radertje in het geheel. En ik wil ook niet alleen woorden, maar ook veel: doen.”

IK WAS TE VEEL EEN RADERTJE IN HET GEHEEL

Ze heeft zich dan ook stellig voorgenomen “in elk geval voor mijn pensioen” zelf ook nog een sociale onderneming tot een succes te maken. Net zoals ze dat bij Enactus “ontelbare keren” gedaan heeft. “Met vallen en opstaan.” Op zoek gaan naar maatschappelijke problemen, en daar dan een oplossing bij verzinnen, met een verdienmodel erbij. “Als je dan kleinschalig begint, en het leven van 1 iemand echt verbetert, ontstaat een treintje, en bereik je vanzelf meer mensen.”

Bewustzijn neemt toe

Zo ervaart ook Jasper de Jong dat, de voorzitter van de Rotterdamse afdeling van Enactus, die vrijdag de Nederlandse finale won en in oktober bij de World Cup in Silicon Valley de oranje eer mag verdedigen. “Ik zie sowieso om me heen steeds meer mensen die het bewustzijn hebben dat je met ondernemerschap zoveel meer kunt bereiken dan alleen financieel gewin. Je kunt er echt het verschil mee maken in iemands leven.”

De meest succesvolle venture die de Rotterdamse afdeling dit jaar bedacht is OrganoBike, waarbij ze met elektrische fietsen mandjes met fruit bezorgen bij kantoren in de Maasstad. De omzet daarvan is bij lange na nog niet genoeg voor een Enexit, maar langetermijnplannen zijn er desondanks zeker. “We willen kijken of we op termijn jeugd in de problemen hiermee een kans kunnen geven op meer structuur in hun leven.”

Het incubatorprogramma

Bij de 15 Enactus-teams in Nederland doorlopen elk jaar zo’n 500 studenten het incubatorprogramma, waarbij ze een sociaal idee moeten uitwerken tot een getest businessmodel. Is een project kansrijk? Dan volgt de ‘Social Startup’: een praktijkgericht programma met gastdocenten en coaching door ervaren (sociaal) ondernemers. Het programma wordt afgesloten met de Social Dragon’s Den, waarbij de startups hun bedrijf pitchen voor potentiële investeerders.

En voor de 15 teams is er dus ook de finaledag, waarbij een bijna 40-hoofdige jury uit de top van het bedrijfsleven de inzet van het afgelopen jaar beoordeelt en één winnaar bepaalt. Die wordt vervolgens uitgezonden naar de World Cup, dit jaar in San José, waar Enactus-teams uit 37 landen het in een finale tegen elkaar opnemen.

Het is de ideale manier om ondernemersvaardigheden op te doen, aldus Laura Nieboer. ‘Dit is dé kans om fouten te maken, zeg ik altijd tegen onze studenten. Je gezin staat niet op het spel, en ook je kapitaal niet. Alleen je tijd. Nou, die investering is het echt wel waard, vind ik. Zo leer je toch het meest?”

(bron : SPROUT, Peter Boerman, juni 2018)